Feedback gevraagd! TWEEDE DRUK!

TWEEDE DRUK! 

Oproep voor feedback

Ik heb vandaag ongelooflijk nieuws gekregen. ‘Turkije aan de Leie’ gaat in tweede druk. Dat mailde de uitgeverij me net. Alle exemplaren zijn verkocht. Of toch bijna. Rondvliegende champagnekurken in mijn hoofd en bubbelfeest in mijn buik! Wat een manier om het jaar te beginnen! 

En dan de zin eronder gelezen. “Correcties doorgeven tegen het einde van de week”. Oeps. Eén week maar. Dat is niet veel. En er is zo veel dat ik nog wou bekijken. Niet dat ik niet tevreden ben met het resultaat. Uiterst tevreden zelfs. Maar ‘Turkije aan de Leie’ is natuurlijk niet af. Dat is het nooit geweest. Doordat het het eerste boek is dat in België is verschenen over Turkse migratie, bevat het sowieso hiaten en onjuistheden. 

Ik heb mijn onderzoek al vaak vergeleken met een puzzel: In de afgelopen jaren ben ik overal de puzzelstukjes van het Turkse migratieverhaal gaan verzamelen. Voor sommige stukjes ben ik onderin een archiefkast moeten duiken, voor andere heb ik halve telefoonboeken afgebeld. Vier jaar, meer dan honderd interviews en een paar hoge telefoonrekeningen later had ik genoeg stukjes om alles in elkaar te passen en werd ‘Turkije aan de Leie’ geboren.

"De puzzel is nog lang niet af, maar de tekening is zichtbaar en dat is het begin"

Op dit moment is de puzzel echter nog lang niet af: Er ontbreken nog heel wat stukken en hier en daar ligt zelfs een stukje verkeerd, maar je kan wel al zien wat er op de puzzel staat. De tekening is zichtbaar. Dat is wat ‘Turkije aan de Leie’ nu is. Het is niet perfect en het is niet af, maar het is een stevig begin.

Tot mijn grote vreugde heeft die onafgewerkte puzzel heel wat in gang gezet: Overal zijn mensen hun eigen puzzelstukjes uit kelders en jarenlang ongebruikte hersencellen gaan halen. Soms kwamen mensen met hun stukjes bij mij terecht, soms gingen ze naar het archief of bouwden ze een eigen tentoonstelling op. Al die dingen samen (dat schreef ik eerder ook al) hebben van 2014 een onvergetelijk jaar gemaakt.

Nooit kan ik alle mensen bedanken die het boek gelezen hebben, die mij hebben aangesproken over de inhoud, die naar mijn lezingen en voordrachten zijn gekomen, die 'Turkije aan de Leie' hebben aangeraden aan vrienden of het onder de kerstboom hebben gelegd, die het aan de kassa zijn gaan vragen in boekhandels gewoon om het op de plank te houden, alle mensen die het boek hebben verdedigd en geprobeerd onder de aandacht te brengen, de mensen die hun vooroordelen aan de kant hebben gezet om het boek te lezen, en natuurlijk iedereen die mij heeft geholpen bij het onderzoeken en schrijven zelf.



"De tweede druk is jullie overwinning op de tegenkanting"

Die tweede druk is sowieso aan al die mensen opgedragen. Want het zijn zij die ervoor gezorgd hebben dat het boek nu in herdruk gaat. En dat ondanks het feit dat er amper media-aandacht is geweest, dat er heel vaak uit werd gekopieerd zonder bronvermelding, dat bepaalde racisten vonden dat ik ‘als Belg’ geen zaken had om een boek over migratie te schrijven, dat het door een aantal boekhandels als ‘enkel-interessant-voor-Gent’ werd bestempeld en het feit dat het boek meermaals is opgevoerd als ‘baklava-degustatie’. Die tweede druk is jullie overwinning daarop!




Daarom, lieve lezers, zou ik nu nog heel even jullie hulp willen inroepen. Ik heb tot vrijdag 9 januari de tijd om correcties aan te brengen. In de loop van het jaar heb ik al heel wat genoteerd, maar wie nog opmerkingen heeft: Grijp uw kans! Had je een onjuistheid opgemerkt of een aanvulling, laat het me dan snel weten (via mail).

Maar ook als je zelf geen opmerkingen had, heb ik nog een paar vragen die ik in tweede druk zou willen oplossen. Ik besef goed dat ik mezelf heel kwetsbaar maak door zelf de hiaten op te sommen, maar ik vertrouw op jullie constructieve feedback.


Wie kan helpen?


x Te veel socialisten
Een terugkerende opmerking is dat er te veel socialisten in het boek staan. Dat een aantal socialisten zich al vrij vroeg met het thema migratie is gaan bezig houden en dat de SP een belangrijke rol heeft gespeeld voor de politieke emancipatie van Turkse Gentenaars, daar kan ik zelf niet veel aan veranderen. Maar het was zeker niet mijn bedoeling het te doen overkomen alsof er binnen andere politieke strekkingen niets gebeurde. Als iemand interessante tips of suggesties heeft over pioniers in andere partijen, laat maar horen!

x Te weinig Ledeberg
Mijn oorspronkelijke bedoeling was alle wijken van de stad apart te bespreken. Maar het boek was al zo lijvig dat ik het er echt niet meer kon bijnemen. Daardoor is ook het verhaal van Ledeberg grotendeels weggevallen, wat achteraf wel jammer is omdat het zo’n apart en tegelijk veelzeggend verhaal is.
Kort samengevat is Ledeberg relatief laat (jaren zeventig) op de kaart gekomen, dankzij pionier Muzaffer Mavzer uit Piribeyli. 
Dingen die mij echter nog onduidelijk zijn:
  • Ledeberg moet in de jaren zeventig vrij plots interessant geworden zijn voor migranten. Maar waarom? Ik vind niet meteen een link met tewerkstelling (industrie) of huisvesting. Was er misschien een menselijke factor? Wie weet hier meer over?
  • Wat mij ook niet duidelijk is, is welk deel van Piribeyli het eerst gemigreerd is (yukari of asagi) en hoe de ketting precies aan elkaar zit tussen de familie Mavzer en de rest.
Alle hulp welkom!

x Van café De Lelie naar café Ankara
Een ‘missing link’ in het verhaal van de broers Alci is hoe café De Lelie op het Sluizeken in de jaren zeventig precies café Ankara is geworden. Ik kreeg een tip (bedankt Hatice) dat een man uit Ankara het op een bepaald moment heeft overgenomen en het café genoemd heeft naar zijn geboortestad, waarna de broers Alci erin zijn getrokken. Als dat waar is, dan moet die man uit Ankara een bijzonder figuur geweest zijn. Het was in die periode hoogst uitzonderlijk dat een Turkse migrant zoiets zou doen, vandaar mijn vraag: Heeft iemand een idee wie die mysterieuze durver uit Ankara was en waar hij naartoe verdwenen is?

x De eerste generatie Turkse universitairen
In het laatste hoofdstuk heb ik het over de eerste Turks-Gentse universitairen, waarvan vooral dokter Ercan Cesmeli een grote rol heeft gespeeld. Zijn er mensen die ik daarbij over het hoofd heb gezien of zelfs nog vroeger zijn afgestudeerd? Ondermeer Alaaddin Yilmaz, Nevriye Duran, Melek Pehlivan, Meryem Kaçar, Özkan Kacmaz, Aytekin Tuncer en Veli Yüksel worden vermeld.

x Suvermez
Achteraan in het boek staat een kaartje van Emirdag. Ik heb ervoor gekozen enkel de dorpen op te nemen die van belang zijn voor Gent. Een dorp dat ik daarbij over het hoofd heb gezien is Suvermez, waar bekende Gentenaar Faki Edeer zijn roots heeft. Zijn er nog?



Dat zijn op dit moment mijn belangrijkste vragen aan jullie. Verder laat ik ook graag weten dat ik volgende dingen sowieso zal aanpassen.



x Meral
Als er één inhoudelijke reden is waarom ik heel blij ben met deze tweede druk, is het wel om Meral. Meral Palit is de dochter van Gazi Palit en de eerste Turkse Gentse met een hoger diploma. Het is iemand voor wie ik het grootste respect heb, maar waarbij ik me sinds enkele maanden ook heel erg schuldig voel.
Meral wees mij er een tijdje geleden namelijk op dat in het boek drie Merals voorkomen. Ik ben toen gaan kijken en inderdaad: In het begin is er een Meral die met haar moeder meereist naar Gent, op het einde is er een Meral die in een vluchthuis terecht komt in Gent en in het midden komt ook Meral Palit zelf aan bod. 
Het is natuurlijk niet mijn schuld dat die drie vrouwen toevallig dezelfde naam hebben (ik heb geen valse namen gebruikt), maar omdat Meral een niet zo vaak voorkomende naam is, is het bij sommige mensen overgekomen alsof al die Merals één en dezelfde zijn. Maar dat zijn ze dus niet. Daarom wil ik me daarover bij haar en bij iedereen die het door die onduidelijkheid zo geïnterpreteerd heeft heel erg verontschuldigen.
In herdruk zal ik voor de twee andere Merals valse namen gebruiken. Hun verhaal is daarom niet minder waar gebeurd, maar op die manier kan er geen misverstand over bestaan. En nogmaals Meral: Sorry!


x Veli Yüksel
Het zegt wel wat over de populariteit van de man: Hoe vaak kreeg ik niet de opmerking van lezers dat ze Veli Yüksel gemist hadden in het boek. Hij staat er nochtans in, maar blijkbaar niet genoeg. Omdat de carrière van “de Turks-Gentse trots” (zoals hij wel eens genoemd wordt) vooral na 2000 een hoge vlucht heeft genomen, maakt het niet echt deel uit van het historische verhaal. Maar beloofd: in de herdruk zal zijn naam er vaker instaan. Dankzij ‘Nergens beter dan thuis’ heb ik daar nu een mooie bron voor.


Later zal ik op mijn blog een volledige lijst bekend maken van alles wat is veranderd, zodat zij die het boek nu al hebben het niet nog eens moeten lezen. Van twee dingen kan ik echter nu al zeggen dat ik ze niet zal wijzigen, hoewel ik er opmerkingen over heb gekregen:


x onderwijs
Een van de pijnlijkste episodes tijdens het schrijven van ‘Turkije aan de Leie’ was wat er gebeurd is met al mijn opzoekingen over onderwijs. Onderwijs was één van de eerste thema’s waar ik veel informatie over vond, waar ik ook heel wat interviews over heb gedaan en ik had al een vijftigtal pagina’s geschreven toen ik tot de vaststelling kwam dat het mijn petje te boven ging. 
Wat nu in het boek staat over onderwijs is uiterst minimaal, en ik kan me voorstellen dat mensen die rond dit thema werken of gewerkt hebben teleurgesteld waren. Maar om de evolutie van het onderwijs in de migratie uit te leggen, was in dit boek gewoon niet genoeg plaats. Zowel om te lezen als om te schrijven zou het voor een leek te complex geweest zijn.
Mijn conclusie over het thema onderwijs in de migratiegeschiedenis is dan ook dat iemand daar dringend eens een deftig boek over zou moeten schrijven. Maar dan iemand met kennis van zaken en geen buitenstaander zoals ik. 
Dus onderzoekers, grijp uw kans: Er ligt enorm veel materiaal en een lange lijst van interviewees op u te wachten!

x de 21ste eeuw
Wanneer ik een lezing geef en er achteraf vragen worden gesteld, dan merk ik elke keer weer hoeveel het heden de mensen bezig houdt. En hoe veel vragen daarover bestaan. Niet omdat er niet genoeg over geschreven wordt (letterlijk bibliotheken vol), maar wel omdat we tussen die massa publicaties het bos niet meer kunnen zien. Een boek dat de ontwikkelingen in de 21ste eeuw enigszins overzichtelijk in kaart brengt zou zeker wenselijk zijn, maar ook hierover vond ik mezelf niet ‘de geschikte persoon op de geschikte plaats’.

Omdat ik geen socioloog ben, maar ook omdat het opzet van het boek vooral was de vergeten geschiedenis terug naar boven te halen voor ze verloren gaat. De gebeurtenissen van de 21ste eeuw zijn niet vergeten of verborgen, maar juist heel erg onder de spotlichten tot stand gekomen. Dat maakt ze niet minder interessant, maar het onderzoek ernaar vergt wel een andere aanpak. Als iemand zich geroepen voelt, waag uw kans!




Reacties